Genio y Figura
El mundo Ibiza y Formentera, domingo 16 de Noviembre de 2003
Door: Jorge Montojo
"een kunstenaar onderdrukken is een misdaad, het betekend een leven in wording vermoorden!" klaagt Schiele, de favoriete schilder van Monique van Steen (Holland 1976).
En zij, zoals ze niet de halsmisdaad wilt begaan, oftewel zelfmoord, is ze, hoofd eerst, in het diepe van haar dromen gesprongen. "Ik heb altijd geweten dat wat ik werkelijk wilde in het leven was kunstenaar zijn. Sinds kindsbeen".
Ja. Maar, hoezo niet, het is sociaal gezien bijna geboden een tijdlang te proberen om te zien of het waar is dat we van die rare wezens zijn die zich aan de kunst wijden. Monique heeft ook administratieve baantjes gehad en heeft zelfs nog kranteverkoop over de telefoon gedaan. Een grijs leven dat haar verbeelding castreerde en haar van haar meest intieme droom beroofde. Uiteindelijk werd ze haar ongelukkigheid gewaar en kreeg het voor mekaar aan de kunstakademie van ´s-Hertogenbosch te gaan studeren, wieg van de beroemde Jeroen Bosch.
De onderdompeling in het artestieke maken het voor haar mogelijk om de paden van het Eden te bewandelen en na de vlucht uit het Nederlandse, wat haar burgelijk en sober aandoet, is ze nu twee jaar onder het licht en schaduw van de mediterraanse zee, verlatijnsende in Valencia, tot het bereiken wat haar uiteindelijke doel was, doch zonder het te beseffen: Eivissa.
"Het gehele universum spant samen om onze verlangens waar te maken", zegt ze naar aanleiding van haar komst naar het eiland. Ze houdt van reizen en raadt iedereen aan om de wereld te zien als beste leerschool. "Ik ben zoals een cameleon, ik pas me snel aan aan de omgeving. Maar het is in Eivissa waar ik graag een huisje zou kopen en blijven". Monique leeft in een authentiek Ibizenkaans en absoluut idilisch huis in de hoogte van San Agustin. De entree is een waarlijke boomgaard met veel karakter en ze ontbijt elke ochtend op haar terras gesitueerd op een heuvel met olijfbomen die door een waterval van wilde klimopplanten en bloemen overgroeid worden. Monique tekent ook op hetzelfde terras waar ze haar verbeelding de vrije loop kan laten gaan. En ik denk dat dat haar manier van loutering is om over de tegenslagen van het leven te komen.
De werken van van Steen zijn zeer van Steen. Ik bedoel, men voelt duidelijk dat het haar werk is, want ze besmet haar werk met haar ziel. En dít maakt zelfs bang soms, omdat er ineens een geheimzinnige en duistere afgrond opduikt die erg verleid om er te excessief diep in te duiken.... Ineens schemert er een inmense melancholie door, zoals ook los etudes van Chopin (een van haar favoriete muziekanten, samen met een andere overdaad aan romanticisme: Tchaikovski), geschreven tussen de vochtige muren van Cartuja in Valldemosa, kunnen teweegbrengen. Maar Monique heeft het karakter van een hedendaagse George Sand: ze geeft niet op en vlucht simpelweg vooruit om zichzelf te vinden. Ook vindt men Kafkaïaanse labyrint-tinten in welke ze zich op haar gemak voelt en waar ze niks geeft om de schokken die ze teweeg brengt bij haar toegschouwers. Want het is iets zekers, Monique voelt zich er goed bij om voor zichzelf te tekenen zonder teveel aandacht te geven aan de manieren die van de buitenwereld komen. Ze is als een eiland dat dat op dreef is naar haar wil en dit maakt indruk op de onzekeren die kunnen schrikken van de kracht van haar spoor.
"Ik geef toe dat ik graag doe wat ik wil, dat is een erg persoonlijke houding omdat tegenwoordig bijna heel de wereld in kuddes circuleerd. Het lijkt alsof ze angst hebben van zichzelf en ze vluchten in een automatische wereld" Duidelijk is dat Monique niet een persoonlijkheid is die angst heeft voor de welluidende eenzaamheid. Integendeel, daarin vind ze haar inspiratie. Bovendien, zoals een goed Cartezaan stelt ze zich niet teveel vragen die geen antwoord hebben en weet van het carneval (ze is smoor op die van Venetië) in het dagelijks leven, terwijl sommigen het altijd wel carnaval zouden willen hebben, omdat het masker de persoon zelf is.
En, alsof het bovenstaande nog niet voldoende is, is ze ook nog goed in vorm. Ze is model bij het Stylo bureau en heeft adembenemende sessies gemaakt. Ze werkt ook, samen met Paco Riera in het keramiekatelier dat door Herr Peter Miller is gesticht. Het is in een licht atelier in het hart van het dorp (van welke de inwoners haar vertroetelen) op enkele meters van waar ze woont. Daar maakt ze sculpturen uit klei die bv festeigs (hofmakerij/vrijerij) , voluptoze rozen of sensuele recreaties van de godin Tanit verbeelden.
Ah, als laatste woord vergat ik nog mee te delen dat ze een ultrafeministe is. Klaarblijkelijk is niemand perfect! |